Eindhoven, de als-ik-dan-marathon

4 min leestijd

Op de vooravond van een marathon die op voorhand heroïsch lijkt te gaan worden, een terugblik op de vorige marathon. Die een dik persoonlijk record opleverde en desondanks helemaal niet zo heldhaftig was.

Half oktober 2019 is het weer onverwacht toch weer omgeslagen. Een week lang leek het een graad of dertien, veertien te worden in Eindhoven en zou de zon verborgen blijven. Ideale omstandigheden om een marathon af te leggen, maar het gaat vandaag helaas ruim boven de twintig graden worden. Pas aan het einde van de marathon, maar dan heb je er als hardloper wel het meeste last van.

De sfeer aan de start van de marathon is ontspannen gespannen. Geen mensenmassa’s in mijn voormalige studentenstad, maar een lekkere drukte. De chaos barst straks pas los, als de halve marathon en kortere afstanden van start gaan. Maar daar merken de marathonlopers dus niet zo veel van. Wel veel Belgen hier, constateer ik, maar dat komt omdat die het parcours gebruiken voor het Belgisch kampioenschap marathon.

Kort na de afscheidskus van mijn lief klinkt het startschot. Ik zet me in beweging en loop de eerste kilometers op gevoel, op zoek naar een tred die me een eind op weg helpt. Na de trilling op de derde kilometer uit mijn horloge zie ik dat het tempo behoorlijk hoger ligt dan nodig is om een tijd net onder de drieënhalf uur te lopen. Het voelt echter zo fijn dat ik besluit niet echt in te houden. Een beetje tegen beter weten in, maar ergens ontwaakt de hoop op een extra mooie eindtijd.

robert eindhoven marathon 2019

Bewust de luwte van andere lopers opzoekend, om me heen kijkend op zoek naar bekende plekjes uit mijn studententijd, luisterend naar het lopers-geouwehoer van de mensen om me heen, ren ik kilometer naar kilometer stuk. Warm is het nog niet en het lijf voelt nog heel krachtig. Weer terug in het centrum van Eindhoven zie ik mijn lief staan. Extra zelfverzekerd en breeduit lachend loop ik haar voorbij. ‘Het gaat goed. Bijna te goed’, schreeuw ik naar de overkant.

Kort daarna breekt de zon door en is het direct stikheet. Ai, maar gelukkig is de eerste helft van de marathon bijna voorbij. Op de meet van de helft werk ik trouw een gelletje naar binnen en gaat het met een iets lager tempo het Noordelijke gedeelte van de lichtstad in. De voormalige studentenbewoner herkent er hier en daar iets van, maar de samenhang van de wijk is hem behoorlijk ontschoten. Als ik de eerste wandelende deelnemers passeer, ontstaat als vanzelf het rekensommetje van ‘hoeveel kilometers nog’. Het draagt in de meeste gevallen niet echt bij aan een ontspannen wedstrijd. Ook nu niet. Wat ook niet helpt zijn de kilometers rechtdoor pal in zuidelijke richting met zon op de kop en wind die flink tegenwerkt.

De moraal verlangt hevig naar de afslag richting Herdgang. De luwte van de bomen daar blijkt fijn, maar de benen doen toch wel erg veel pijn nu. Het naar binnen slurpen van een gelletje handel ik wandelend af. Het voelt tegelijkertijd lekker en een beetje als een klein nederlaagje. Het rekenwerk naar de eindtijd is ten onder gegaan in het naar de finish toe harken. Minder dan zeven kilometer nog. Ik zet nog even aan om een tempo van twaalf kilometer per uur vol te houden. Ik heb spijt dat ik zo snel van start ben gegaan. Had ik de eerste twintig kilometer maar iets ingehouden, dan had ik nu misschien wat meer overgehouden om het tempo vast te houden, of zelfs voor een versnelling, spookt het door mijn hoofd.

robert eindhoven marathon vuisten

Als ik aankom in hartje centrum, zie ik mijn lief weer langs de kant van de weg staan. Ook nu produceer ik weer optimistische geluiden, iets minder fanatiek dan dertig kilometer geleden. Hartje centrum is een feestje. Gedragen door rijen dik publiek snelt het een ruime kilometer naar de finish. De laatste achthonderd meter blijken een teleurstelling. Veel minder publiek en het parcours slingert behoorlijk. Bij ieder bocht denk ik blij dat de finish nu toch wel echt in zicht moet komen, om dan na de wending van het parcours teleurgesteld slechts de volgende bocht te zien. Voordeel is weer dat als je de finish van de Eindoven Marathon eenmaal ziet, je slechts kort hoeft te sprinten om als een professional over te streep te snellen.

Toen de euforie van een hele dikke pr van 3.27.42 een paar dagen later was verdwenen, ontstond ruimte voor de evaluatie. Ik kwam los van de pijnlijke benen eigenlijk nog best fris over de finish. Had ik de laatste acht kilometer toch meer moeten aanzetten, meer de grens moeten opzoeken? Of was ik toch te snel van start gegaan en was ik daardoor op het eind te lang genoodzaakt met de rem erop te lopen? Het overzicht op Strava geeft wat mij betreft het antwoord. De eerste dertig kilometer werden afgelegd met een tempo tussen de 4.45 en 4.50 minuut de kilometer. Daarna werd het grilliger, maar ook hier liep ik slechts enkele kilometers boven de 5 minuut de kilometer. Het was dus een heel degelijke marathon. Geen heroïek inderdaad, maar wel een keurige zeventiende plaats in mijn leeftijdscategorie. En daar ben ik best trots op!

Foto’s: Lidia Hertogs – @herbergli

Scroll Up

Pin It on Pinterest