Loslaten

Eindelijk is het zover: de linker knie krijgt een onderhoudsbeurt. De dag begint op de fiets door een bevroren Meppel. Gelukkig is het ziekenhuis lekker warm. Ik ben een tikkeltje gespannen, maar zeker niet in de weerstand tegen de gebeurtenis die mij te wachten staat.

‘Ik kan me er bijna op verheugen’, hoorde ik mezelf vanochtend tegen Lidia zeggen. Klinkt overdreven, maar slaat vooral op de verwachting dat de knie hierna weer zonder pijn zijn werk kan doen tijdens het sporten.

In het ziekenhuis kan ik me heerlijk overgeven aan de machine die zo’n organisatie toch is, en niet voor niets natuurlijk. Iedereen heeft een sterk afgebakende taak en is daarmee automatisch ook een specialist. Ik geniet daarvan, zeker als we ook echt even contact met elkaar maken. Ik realiseer me dat ik het gevoel de controle over de situatie te willen houden, volledig heb losgelaten. Ik geef me over aan de aaneenschakeling van handelingen die tezamen mijn kijkoperatie vormen.

Ik ben snel aan de beurt en voor ik het weet lig ik totaal verdoofd aan de onderkant in de operatiekamer. Ik kijk naar het plafond en mijn ogen vullen zich met een perfect egaal wit dat het werkelijke daglicht nooit kan tonen. Opeens zie ik de orthopeed een been omhoog tillen om wat voorbereidende handelingen te verrichten. Het duurt een fractie van een seconde eer ik doorheb dat dit mijn been moet zijn. Die conclusie is dan hersenwerk, want mijn zenuwen geven even niet thuis over deze beweging. Totaal afgesneden van het bovenlijf. Echt een bizarre ervaring.

In de operatiekamer heerst een prima sfeer. Tja en waarom ook niet. Het is dezelfde sfeer bij mij op de afdeling, alleen werken wij met computers en zij met mij. De monitor gaat aan en ik maak mijn eigen medische televisieprogramma mee. De orthopeed legt rustig uit wat ik zie, waar de schade zit en wat hij er aan gaat doen. Verbeeld ik het me nu, of klinkt er trots door in zijn stem?

De schade blijkt overigens mee te vallen: het scheurtje in de binnenmeniscus kan hij nog hechten. De buitenmeniscus ontdoet hij van een klein stukje bot en de rest wordt gladgemaakt. Tevreden sluit hij de boel na een kwartiertje weer. We kletsen nog even over wielrennen, dat wat hem betreft juist een prima sport is als je maar niet te zwaar trapt. Kijk, dat hoor ik graag! Hij blijkt ook te hebben gefietst. Maakte net als ik graag hele lange tochten. We raken beiden helemaal op dreef. De deuren van de operatiekamer gaan open. Ik moet weg. Jammer, het werd net leuk.

Langzaam maar zeker raakt de verdoving uitgewerkt. Een glas water en een kop thee later merk ik dat ik moet plassen. Mooi, als dat lukt mag ik namelijk naar huis. Het lukt, met wat moeite, maar dat vertel ik de broeder niet. Ik wil naar huis. Hij kijkt me gespeeld streng aan en vraagt of het ook echt goed ging. Ik antwoord bevestigend, lachend. Hij besluit me te geloven. Ik mag weg.

Binnen vijf uur zit ik weer thuis. Met krukken, want lopen is er de komende dagen niet bij. Mag niet van de orthopeed en ik vind het best. Sporten is de komende twee weken eveneens verboden. Vind ik ook best. Ik ben eigenwijs, maar ga een spoedig herstel natuurlijk niet in de weg staan. Hoop wel vurig dat ik straks inderdaad zonder pijn kan wielrennen. Verheug me er nu al op.

Scroll Up

Pin It on Pinterest