‘Mooi pakje Robert’

Kilometers maken als voorbereiding op een bergbeklimming per fiets is belangrijk, maar er moet natuurlijk ook worden geoefend in het klimmen zelf. Meppel ligt weliswaar binnen een uur rijden van de Holterberg en zelfs de Utrechtse heuvelrug en Posbank zijn onder gunstige omstandigheden binnen deze tijd te bereiken, maar doordeweeks komt dat er vaak niet van.

Ook al is het ’s avonds heel lang licht en ben ik snel klaar met het avondeten, dan stap ik nog niet zo snel in de auto om ‘bergen’ te gaan bedwingen. Te veel gedoe, ik wil gewoon lekker fietsen. En dan verzin ik maar iets anders: een viaductentocht in en rond Meppel bijvoorbeeld, bij deze gelegenheid gecombineerd met mijn langverwachte primeur van de officiële wielerkleding van Boom regionale uitgevers. Ziet er goed uit en we mogen er wat mij betreft dan ook zeker in gezien worden.

Het tochtje van vorige week maandag start met de nieuwe houten brug over de even nieuwe randweg van Meppel, de Europaweg, en aansluitend het viaduct over de Omgelegde Hoogeveense vaart. De rit gaat daarna richting Staphorst, waar ter hoogte van de zoutopslag van Rijkswaterstaat het viaduct over de A28 in volle vaart wordt genomen. In Staphorst sla ik op de Ovonde weer rechtsaf richting Meppel, waar het viaduct over de vaart voor de tweede keer wordt beklommen. Bovenaan zie ik twee skaters die me wel heel erg bekend voorkomen en van dichtbij collega’s Mirjam en Jolanda blijken te zijn, zonder twijfel ook in en sportieve bui. Ik weet niet zeker wat ze als eerste herkennen, mijn persoontje of de kleding van ons aller werkgever, al is de grijns waarmee Mirjam mij ‘Mooi pakje Robert’ toeroept een ijzersterke aanwijzing in de richting van de tweede optie.

Ik schiet hen voorbij en maak nog wat rare armbewegingen die hen proberen te vertellen dat ik de humor van de opmerking inzie. Moet ook wel een grappig gezicht zijn, een collega die opeens in ‘bedrijfskleding’ langs komt fietsen. Lachend rijd ik onder het viaduct door dat even hiervoor een tijdelijk hoogtepuntje vormde en fiets over de Vaartweg naar de Reggersweg, waar het viaduct over zowel de vaart als de A28 op mij wacht. Linksaf de Reestweg in richting Schiphorst, maar die bestemming bereik ik niet omdat het fietsviaduct over, jawel, de A28 wordt genomen. Nog voor de parallelweg van de Hoogeveens weg maak ik een vloeiende, scherpe bocht naar links en rijd over het fietspad langs de vaart weer terug naar de Vaartweg, het begin van de eenmalige herhaling van het zojuist beschreven rondje in een rondje.

Na de tweede keer over het fietsviaduct laat ik het fietspad links liggen en zet de tocht voort richting Meppel. Door de Oosterboer zie ik regelmatig mensen naar mij kijken. Ik vermoed dat het te maken heeft met mijn flitsende outfit, maar mijn hoofd doet er wat lacherig over. Dat kan toch niet waar zijn, dat zo’n pakkie zoveel bekijks heeft? Aan de andere kant is de naam ‘Boom’ natuurlijk maar al te bekend in Meppel, dus zo heel gek is het nu ook weer niet dat mensen een wielrenner nakijken die een outfit aanheeft met de naam erop van een overbekende lokale uitgever. Zo kwam mijn dochter op een dag, zonder dat ik die naam ooit had genoemd, thuis met de mededeling dat ik bij Boom Pers werkte. Iemand van school had haar gevraagd waar haar vader werkte. Die werkte bij de krant. ‘O, bij Boom Pers’ was het antwoord. Zolang de generatie mensen die met die naam is opgegroeid nog leeft, zal dit wel een ijzersterk merk blijven, denk ik.

De weg wordt vervolgd langs de Amerikaanse haastvoedselschuur, gaat langs het miniwijkje tussen de spoorlijnen naar Steenwijk en Hoogeveen (een kleine uitvoering van de rafelrand in Zwolle die ik op mijn monsterwortelrit tegenkwam) en het klimmetje over de A32. In de Oosterboer sla ik direct linksaf, ga het tunneltje door, kronkel wat op weg naar het volgende tunneltje, sla na een halve kilometer linksaf de Ruinerwoldseweg op en begin de volgende klim, over de A32, het spoor en de Ruinerwoldseweg. Dat lijkt wat vreemd want ik rijd toch op die weg, maar fietsers wordt geen alternatief gegund: ze moeten een 270 graden bocht nemen: de Ruinerwoldseweg bijt zichzelf daardoor in de staart. Ik fiets door het park aan de onderkant van de N375 en besluit op de Paradijsweg mijn benen een toegift te geven: een lusje door het prachtige stukje natuur rond Doosje. Terug in Meppel bedwing ik nog één hoogteverschil, het viaduct over het Meppeler Diep, waarna ik de Koedijkslanden in stort en tevreden constateer dat er ruim 45 trainingskilometers zijn verstreken, terwijl ik hemelsbreed niet verder dan 5 kilometer van Meppel verwijderd ben geweest.

PS: Collega Peter vertelde gisteren in de auto op weg naar Limburg precies hetzelfde te hebben ervaren sinds hij met de nieuwe wielerkleding rondrijdt. Ze vallen wel op, die Boom wielerpakjes…

Scroll Up

Pin It on Pinterest