Rust roest dus niet

De afgelopen vier weken hebben volledig in het teken gestaan van terugkeren naar een niveau waarop het afleggen van een halve marathon verantwoord zou zijn. Die missie is geslaagd, ondanks de gedwongen rust. Of juist dankzij?

Het voordeel van een hardloopwedstrijd in de avond is de schemerige sfeer die je er gratis bij krijgt. Het nadeel dat je de hele dag met een wedstrijd bezig bent, terwijl er nog geen millimeter is gelopen. De aanstaande wedstrijdloper ploegt de dag door, en heeft dus alle tijd om over van alles en nog wat na te denken. De gedachten gaan net geen vier weken terug, toen een zweepslag een abrupt en pijnlijk einde maakte aan een periode van lekker veel kilometers maken. Er flitsten die zonnige avond twee gedachten door het hoofd: ‘Nee, geen Meppel City Run en de Halve marathon van Zwolle kan ook afgeschreven worden.’ Bijna direct gevolgd door de constatering dat 2019 tot nu toe vooral het jaar van de niet gelopen wedstrijden is. Bah!

Weer terug in de dag van vandaag trekt de hardloper zijn gereedschappen om de voeten. De linkerschoen knelt een beetje. De veter zit iets te strak. De kunststof koordjes worden losgemaakt en weer opnieuw vastgesnoerd. De hardloper constateert dat de schoen nu te los aan de voet zit. Oké, dan trekken we de strik toch weer iets forser vast. Het is een ritueel dat hij wel vaker voor een wedstrijd uitvoert. Het zal de spanning wel zijn, die zeker deze dag nadrukkelijk voelbaar is. Eigenlijk weet de hardloper nog steeds niet helemaal zeker of het lijf de halve marathon van Zwolle wel aankan. De kuit lijkt hersteld, maar is nog niet echt op de proef gesteld. En het voorzichtige herstellen maakte dat er ook vrij weinig trainingskilometers zijn gemaakt. De hardloper steekt voor de zekerheid zijn OV-chipkaart in de flipbelt. Handig als hij uitvalt, dan kan ie direct naar huis.

Een uur later wandelt de hardloper met een iets te strak aangetrokken linkerschoen met zijn hardloopmaatje naar de start van de halve marathon. Keurig op tijd, vrolijk, enthousiast bekenden begroetend en samen de aanpak van de wedstrijd besprekend. Voor de vorm worden er nog enkele honderden meters ingelopen. De linkerschoen wordt opnieuw gestrikt. Iets losser dit keer. Te los, is meteen voelbaar, maar de hardloper laat het er dit keer bij. Hij heeft zin in keiharde hardloopactie, niet in zenuwachtig frutselen met veters.

robert-en-bertram-in-startvak-halve-marathon-zwolle

Het is druk trouwens, een stuk drukker dan vorig jaar en ook het jaar daarvoor, constateren de hardloopmannen. Hoe druk blijkt als het startschot klinkt. Ze willen tempo maken, maar er is geen doorkomen aan. Ze benutten de stoep en de berm, geven gas waar mogelijk, maar een serieus tempo wordt het op weg naar het centrum van Zwolle nergens. In de geasfalteerde lus onder het spoor valt het oog van de hardloper op de linkerschoen, waarvan de uiteinden van de veter onmiskenbaar los flapperen. Hij loopt de tunnel nog uit, roept zijn maatje toe dat ie niet hoeft te wachten, stopt aan de kant van de weg en strikt de veter deze dag voor de vierde maal vast. Waar een wilde achtervolging naar zijn loopmaat op volgt. Zigzaggend, nadrukkelijk ‘links’ of juist ‘rechts’ roepend en met tussensprintjes de schaarse gaatjes vullend, weet hij zich na een tijdje zowaar te herenigen. Het kost een hoop energie, maar samen hardlopen is toch echt fijner.

Wanneer ze de filevorming en de drukkende warmte van de binnenstad voor de eerste keer achterlaten, concluderen de hardloopmannen dat het erg lekker gaat. De man met losse veter gebruikt de brug over de Wetering daarom om de vorm van de dag te testen. Die blijkt top te zijn. De binnenstad zweept de losse veterman steeds op om een extra tandje bij te zetten. Waarom precies weet ie eigenlijk niet, maar het helpt wel om het tempo mooi hoog te houden. Zo hoog zelfs, dat de ander zijn pr op de halve marathon benadert. En dat stimuleert beiden weer om er ook echt voor te gaan.

De laatste drie kilometers zijn zoals verwacht zwaar. Wanneer je al bijna een uur lang tegen je drempel aan hardloopt, begint het lichaam te protesteren. Misschien is schreeuwen trouwens een betere omschrijving. De ene hardloper weet uit te brengen dat het pr er helaas toch net niet in zit, de ander weet nog net te antwoorden dat hij hem niet kan helpen. Een tempoversnelling zit er nu echt niet in. Eénentwintig kilometer en vijfhonderd (jawel!) meter na de start komen de hardloopmannen gezamenlijk over de finish in mooie tijden. Weer thuis concludeert de ene hardloper dat rust dus helemaal niet roest en de ander dat hij wel degelijk een pr heeft gelopen, wanneer de juiste afstand van de halve marathon in acht wordt genomen.

Scroll Up

Pin It on Pinterest